Rubriek: Belastingrecht

Wordt de 60-dagenregeling opgerekt door zijn doel en strekking?

Valerie Ramaekers Geschreven door
16-12-2016

Auteur: Valérie Ramaekers, manager tax specialties People Advisory Services bij EY (valerie.ramaekers@nl.ey.com)

De hoofdregel is dat het arbeidsinkomen van een werknemer ter belastingheffing is toegewezen aan het woonland. Geen hoofdregel zonder uitzonderingen: het werkland is heffingsbevoegd indien voldaan wordt aan een bepaalde voorwaarde. En natuurlijk bestaat er geen uitzondering zonder een uitzondering op de uitzondering: de Nederlandse 60-dagenregeling. De 60-dagenregeling heeft als doel en strekking het bieden van een administratieve verlichting indien er sprake is van een kortdurende Nederlandse belastingplicht bij uitzendingen binnen concern, omdat er sprake is van een materiële werkgever. De vraag is of de 60-dagenregeling ook belastingplicht voorkomt indien er kortdurende Nederlandse belastingplicht ontstaat ten gevolge van het bestaan van een Nederlandse vaste inrichting.

Gepubliceerd in Vakblad 3, 2016

WKR en compensatieregeling: een bijzondere combinatie

Dennis Reins Geschreven door
16-12-2016

Auteur: Dennis Reins, werkzaam bij TTT-Group (dennis.reins@ttt-group.com)

Er is al veel geschreven over de internationale aspecten van de werkkostenregeling. Het gaat dan bijvoorbeeld om de vaststelling van de juiste grondslag van de eindheffing ex artikel 31a, lid 2 Wet LB 1964 of de verschillende wijzen waarop dubbele belasting kan worden voorkomen. Een naar mijn mening nog niet eerder beschreven aspect is de combinatie van de werkkostenregeling en de compensatieregeling.

Gepubliceerd in Vakblad 3, 2016

ZZP-ers die grensoverschrijdend werken (deel 4): de WagwEU

Fraukje Panis Geschreven door
16-12-2016

Auteur: Fraukje Panis, advocaat arbeidsrecht, bij Holland Van Gijzen Advocaten en Notarissen LLP (fraukje.panis@hvglaw.nl)

Op 18 juni 2016 is de Wet arbeidsvoorwaarden gedetacheerde werknemers in de Europese Unie (WagwEU) in werking getreden. De wet bevat de minimum arbeidsvoorwaarden waar een naar Nederland gedetacheerde werknemer aanspraak op maakt en die aldus door zijn (buitenlandse) werkgever dienen te worden toegepast. Kortom, de WagwEU is van belang voor werknemers die in Nederland te werk zijn gesteld en hun (buitenlandse) werkgevers, zijnde de dienstverrichter. Eveneens is de wet in dit kader van belang voor Nederlandse dienstontvangers. Op basis van de wet aanpak schijnconstructies (WAS) kunnen zij, als zijnde opdrachtgever, aansprakelijk worden gesteld wanneer sprake is van onderbetaling van de gedetacheerde werknemers. Met de WagwEU worden verschillende maatregelen geïntroduceerd om te kunnen controleren of de buitenlandse (EU) werkgevers de minimum arbeidsvoorwaarden ook daadwerkelijk toepassen. Om schijnzelfstandigheid tegen te gaan is de WagwEU ook van toepassing op buitenlandse zelfstandigen die gewoonlijk hun diensten verrichten in (een land van) de Europese Unie, en voor een bepaalde dienst in Nederland werkzaam zijn. Op deze laatste groep (de buitenlandse zelfstandigen) wordt in dit artikel nader ingegaan.

Gepubliceerd in Vakblad 3, 2016

Vragen Eerste Kamer over uitfaseren pensioen eigen beheer beantwoord

Carlo Douven Geschreven door
12-12-2016

De Eerste Kamer heeft vragen gesteld over de Belastingplannen 2017. Wiebes gaat onder meer in op de internationale aspecten uitfaseren pensioen in eigen beheer. De conserverende aanslag en de oudedagsreserve komen aan de orde. Ook wijst hij op de fiscale regels in het woonland die per land sterk kunnen verschillen.

Bron: rijksoverheid.nl, Nota naar aanleiding van het verslag van 9 december 2016

Gepubliceerd in Nieuws

In België geleasde auto leidt tot BPM-heffing

Carlo Douven Geschreven door
07-12-2016

BPM-heffing van een in België geleasde auto is toegestaan, als de auto hoofdzakelijk bestemd is of feitelijk wordt gebruikt in Nederland. De heffing dient evenredig te zijn aan de duur van het gebruik in Nederland.

Bron: Gerechtshof Amsterdam, 24 november 2016, nr. 15/00787

Gepubliceerd in Nieuws

Rapport rekenkamer over handhavingsbeleid Belastingdienst gepubliceerd

Carlo Douven Geschreven door
06-12-2016

De algemene rekenkamer heeft onderzoek gedaan naar het handhavingsbeleid van de Belastingdienst. Onder ander is onderzoek gedaan naar windhappers, belastingnomaden en de heffing van motorrijtuigenbelasting bij migranten. De staatssecretaris heeft op het rapport gereageerd en de meeste aanbevelingen van de algemene rekenkamer overgenomen.

Bron: rapport algemene rekenkamer handhavingsbeleid Belastingdienst van 24 november 2016, reactie staatssecretaris van Financiën van 10 november.

Gepubliceerd in Nieuws

Wijzigingsprotocol belastingverdrag met Duitsland treedt in werking per 1 januari 2017

Carlo Douven Geschreven door
05-12-2016

De herziening van de toewijzing van het heffingsrecht ter zake van inkomsten genoten door werknemers die werkzaam zijn aan boord van een schip of luchtvaartuig in het internationale verkeer treedt in werking per 1 januari 2017. De overige wijzigingen in het protocol zijn voornamelijk van technische of verduidelijkende aard.

Bron: Tractatenblad 2016/179

 

Gepubliceerd in Nieuws

Vooroverleg bij Belastingdienst mogelijk

Carlo Douven Geschreven door
02-12-2016

De Belastingdienst laat weten dat vooroverleg over de toepassing van wet- en regelgeving op het gebied van belastingen mogelijk is, ook in internationale situaties. Met name in internationale situaties is het van belang om vooraf te weten waar men aan toe is.

Bron: www.belastingdienst.nl

 

Gepubliceerd in Nieuws

25-jaarstermijn voor korting bij 30%-regeling is acceptabel

Carlo Douven Geschreven door
01-12-2016

De verlenging van de 'terugkijkperiode' van 10 jaar naar 25 jaar bij de wijziging van de 30%-regeling per 1 januari 2012 kan volgens Gerechtshof Den Bosch door de juridische beugel.

Bron: Gerechtshof 's-Hertogenbosch, 30 juni 2016, nr. 14/01092, ECLI:NL:GHSHE:2016:2665

 

Gepubliceerd in Nieuws

BVBA heeft zelfstandige betekenis ten opzichte van opdrachtgever

Carlo Douven Geschreven door
30-11-2016

De in België wonende B heeft de werkzaamheden namens een BVBA voor een Nederlandse onderneming verricht en niet op persoonlijke titel. De verhouding op basis waarvan de werkzaamheden zijn verricht betreft die tussen BVBA en de Nederlandse onderneming. B op zijn beurt heeft de werkzaamheden weliswaar voor belanghebbende verricht, maar dat gebeurt ten behoeve van de BVBA. Tussen B en de Nederlandse onderneming bestaat geen (fictieve) dienstbetrekking.

Bron: Rechtbank Zeeland-West-Brabant, 29 juli 2016, BRE 15/481 tot en met 15/490

Gepubliceerd in Nieuws

Nieuws